Welkom bij MERIAL Nederland
Leverbot bij het rund
Leverbotziekte is seizoensgebonden; het wordt veroorzaakt door Fasciola hepatica, de leverbot.
Cyclus
De eieren van de leverbot komen via de mest op het land. Zij moeten eerst uit de mest spoelen voordat ze tot ontwikkeling kunnen komen. De ontwikkeling van de eieren gebeurt alleen boven de 10?C. De leverbotslak die ook een rol speelt in de cyclus kan zich ook alleen maar ontwikkelen boven de 10?C. Het leverbotseizoen loopt in de praktijk dus grofweg vanaf mei tot eind oktober.
Uit de uitgespoelde eieren ontwikkelen zich met trilharen bezette larven, ook 'trilhaarlarven' genoemd. Deze trilhaarlarven kruipen in de leverbotslak die op een natte bodem leeft.
In de leverbotslak kunnen er uit één trilhaarlarve veel nieuwe larven, ook wel staartlarven genoemd, ontstaan. Deze staartlarven zetten cystes vast op de grassprieten. Deze grassprieten plus de cystes worden door het rund opgenomen. De cyste komt in de pens uit als jonge leverbot. De leverbot wordt in het rund volwassen en maakt een tocht door de lever, hierdoor wordt de lever beschadigd. Deze beschadiging zorgt voor verschillende symptomen.

afb. 1, een volwassen leverbot
Voorjaarsinfectie/najaarsinfectie
In het voorjaar is het te verwachten dat er op een nat weideperceel of op de boorden van poelen, grachten, sloten en rivieren een reserve aanwezig is aan besmettelijke cysten, overwinterde besmette slakken en leverboteieren. Met betrekking tot die reserve aan besmette slakken en aan eieren zijn er jaarlijks twee infectieuze cyclussen te onderscheiden.
De "winterinfectie" bestaat uit besmettelijke cysten die verschijnen op het gras vanaf mei tot juni en die afkomstig zijn van slakken die tijdens de vorige herfst werden besmet en die hebben kunnen overwinteren. De omvang van de winterinfectie is afhankelijk van de slakkenpopulatie die de winter heeft kunnen overleven en van de infectiegraad van deze slakken. De "winterinfectie" is van minder belang dan de "zomerinfectie".
De "zomerinfectie" bestaat uit besmettelijke cysten die verschijnen op het gras vanaf augustus en die ontstaan uit leverboteieren die in het najaar of de winter op het weiland zijn terechtgekomen en die hebben kunnen overwinteren. Samen met de eieren die vanaf maart op de weide worden uitgescheiden, beginnen ze zich vanaf half april te ontwikkelen. De omvang van de "zomerinfectie" is sterk afhankelijk van de omvang van de slakkenpopulatie in de zomer en van de ontwikkelingskansen van de leverboteieren gedurende de maanden mei, juni en juli. Veel neerslag is gunstig.
Symptome
Leverbotziekte bij het rund is een chronisch en daarbij veelal subklinisch proces. Acute leverbotziekte komt bij het rund nauwelijks voor. De symptomen zijn meestal onduidelijk: “de koe doet het niet”. De klachten worden meestal gehoord aan het eind van de winter of in het begin van het voorjaar.
De symptomen zijn:
- Verminderde eetlust
- Geleidelijk optredende groeivertraging
- Gewichtsverlies
- Verminderde of te lage melkgift
- Verlaagde fertiliteit
- Conditieverlies
- Bloedarmoede
- Verlaging van de bloedeiwitten door beschadiging van de lever, hierdoor kan er een vochtophoping ontstaan tussen de kaken.
Een chronische leverbotinfectie in de lever leidt bij het rund tot een afzetting van kalkneerslagen in de galgang, dit wordt een 'pijplever' genoemd. Bij de slacht wordt een lever besmet met leverbot afgekeurd.
